In het boek ‘Meer dan intelligent’ geven Kieboom en Venderickx (2017) aan welke uitdagingen een hoogbegaafde kan ervaren. Ze geven verschillende concepten weer, zoals het zijnsluik, drie types hoogbegaafden en de ‘embodio’s’ (gebaseerd op het Griekse woord empódio: hindernis of barrière).Het hebben van hindernissen, uitdagingen en problemen wordt niet altijd verwacht bij hoogbegaafden. Daarom is het naar mijn mening erg belangrijk en goed dat zij hierover schrijven in hun boek. Hieronder vind je een compacte lijst. Wil je meer weten, lees dan zeker hun boek.
De elf embodio’s zijn vaak onbewust en kunnen ook bij niet-hoogbegaafde mensen voorkomen. De mate waarin en welke er voorkomen, is persoonsafhankelijk.
De embodio’s zijn als volgt:
· Jezelf als norm zien;
Dit kan ervoor zorgen dat de hoogbegaafde hoge eisen stelt aan zichzelf, maar ook aan de ander en hierdoor snel teleurgesteld raakt.
· Iets bereiken kost tijd;
Een vaardigheid leren kan voor hoogbegaafden lastig zijn. Het hoofd weet vaak in theorie hoe het zou moeten, maar om de omslag naar de praktijk te maken kan lastig zijn. Ook zijn er vaak veel nieuwe ideeën en kost het tijd voordat er verandering te zien is in de praktijk.
· Communicatie;
Hoogbegaafden kunnen praten zoals ze denken. Dit is dan te complex, direct, snel, moeilijk en/of gedetailleerd voor de luisteraar. Dit heeft natuurlijkerwijs gevolgen voor de interactie.
· Comfortzone verlaten;
Door de sterke argumentatie van de hoogbegaafde kan het voor henzelf en de omgeving al snel logisch zijn om in de comfortzone te blijven, maar hierdoor krijgen ze niet altijd de juiste uitdaging om hun volledig potentieel te ontwikkelen.
· Een fout moet triggeren om het beter te doen;
Veel hoogbegaafden zijn niet gewend om fouten te maken en hebben weinig ervaring met falen. De angst dat er mogelijk iets fout gaat, kan er al voor zorgen dat de hoogbegaafde iets niet doet en bijvoorbeeld in de comfortzone blijft.
· De lege toolbox;
De toolbox (vaardigheden die niet gaan om kennis, inzicht of inhoud) is bij hoogbegaafden vaak leger dan bij anderen. Zij hebben tools voor bijvoorbeeld planning niet nodig gehad, omdat ze het in hun hoofd konden doen. Wanneer iemand niet heeft leren leren (door tools te leren gebruiken), dan wordt dat lastig naar mate de hoeveelheid of complexiteit van de stof toeneemt.
· Heftige emoties;
Vanwege een ‘mismatch’, zoals Kieboom & Venderickx (2017) het noemen, tussen de hoogbegaafde en de omgeving, kunnen er sterke emoties optreden van bijvoorbeeld onmacht of gebrek aan omgaan met een situatie.
De antroposofische visie op bladzijde 13 kan een duidelijk beeld geven over hoe het denken, voelen en doen zich bij de hoogbegaafde verhoudt.
· Overpresteren;
Omdat hoogbegaafde vaak hoge prestaties kunnen neerzetten, verwachten zij (en de omgeving) dat vaak ook. Ze willen alles het liefst zo gedetailleerd en uitgebreid mogelijk voorbereiden, maar wanneer het (te) ingewikkeld wordt, kan het gevolg zijn dat de hoogbegaafde gaat overpresteren of ermee stopt.
· Weerstand;
Vooral bij onbegrip, onrechtvaardigheid, onverantwoordelijkheid of irritatie, kan zich dit uiten in kritische en pijnlijke momenten.
· Sociale omgang;
Sociale evenementen kunnen als zeer vermoeiend ervaren worden wat kan leiden tot een gebrek aan vriendschappen, eenzaamheid of ontwikkeld tot een sociale angst. Voor de hoogbegaafde wordt sociaal contact vaak als zinloos gebabbel ervaren wat vaardigheden in samenwerken of contacten onderhouden in de weg kan staan. Lees hierbij ook ´heftige emoties’ over de mismatch met de omgeving.
· Anders zijn
Omdat hoogbegaafden dingen anders aanpakken, ervaren of zien dan de omgeving, kan dit zorgen voor onzekerheid en verwarring bij de hoogbegaafde. Het gevoel van ‘anders zijn’ dan de rest.